www.wereldpeer.nl

De wereld is een peer

Archive for maart 2008


Slow


Soms is het maar goed dat jullie niet door het beeldscherm mijn computerkamer in kunnen kijken. Meestal zijn mijn blogjes in een vloek en een zucht geschreven, maar de laatste week was het één brok frustratie.

Dat had niets te maken met een gebrek aan inspiratie, maar het had vooral een technische oorzaak. Onze internetverbinding was niet meer vooruit te branden. Zo had het heel wat voeten in de aarde voordat ik er eindelijk in slaagde om mijn dagelijkse stukje te publiceren.

Ik kon de traagheid niet verklaren, maar dacht natuurlijk meteen aan een virus dat zich ergens diep in mijn computer had genesteld. Op zich zou dat vreemd zijn, want ik download nauwelijks en al mijn mail wordt gescand. Ik bezoek ook amper sites die porno, pillen of namaakhorloges verkopen.

Omdat Anton er met zijn laptop ook last van had, zou het probleem ook wel eens bij Het Net kunnen liggen. De meneer van de helpdesk adviseerde om mijn computer toch maar te controleren op spyware. Of misschien dat er iemand de beveiliging van ons draadloos netwerk had omzeild en zo gratis meesurfte, opperde hij ook nog.

Gisteren was er nog niets verbeterd. Ik besloot dat het niet aan ons lag en belde nogmaals met de helpdesk. “De beveiliging omzeild? Nee hoor, flauwekul”, zei de medewerker van dienst. “Mogelijk zit er een ander draadloos netwerk in jullie omgeving dat dat van jullie stoort. Ik zal eens iets aan jullie instellingen veranderen. Gaat het nu beter?” Vanaf dat moment surf ik weer als een tierelier. Een eerste levensbehoefte in de 21ste eeuw.

Filmpje: Peer verzuipt in Delftsblauw
Nieuw op ‘De Wereld is een Film’: oorlogsgeweld in ‘Grave of the Fireflies’

Scratch


Als filmliefhebber heb ik een grote verzameling dvd’s in de kast staan. Zorgvuldig uitgekozen en keer op keer opnieuw bekeken, worden het toch een beetje je kindjes.

Af en toe leen ik wel eens films uit, maar dan moet ik zeker weten dat de gastouders goed voor hen zorgen. Je wilt ze niet bekrast en onder de vingerafdrukken terugkrijgen. Daarvoor zijn ze me toch te dierbaar. Ik ben altijd blij als ik kan vaststellen dat er goed op hen is gepast.

Zelf probeer ik me ook altijd aan de gouden regels te houden. De schijfjes alleen aan de zijkanten vastpakken en nooit laten rondslingeren maar meteen terug in het doosje stoppen. Als een van mijn lievelingsfilms hapert, krijg ik een rolberoerte. Meteen ga ik met water en zakdoek aan de slag om zorgvuldig alle onreinheden te verwijderen. In negen van de tien gevallen doet hij het dan weer.

Laatst had ik het nog met het vijfde seizoen van ‘Northern Exposure’. Een grote kras op de vierde disc. Natuurlijk had ik de kassabon niet meer, dus ik kon niet gaan klagen bij de winkel. Eeuwig zonde. Een paar dagen later overkwam het me met het eerste schijfje van ‘Robin of Sherwood’. Balen, maar gelukkig kon ik deze nog terugbrengen.

Het duurde even voordat ik me realiseerde dat ik beide series met de oude dvd-speler op de slaapkamer had bekeken. Dat apparaat had kennelijk honger gekregen. Gelukkig wist ik een adres waar je beschadigde films en games kunt laten repareren. Voor je kinderen wil je immers alleen maar het beste.

Nieuw op ‘De Wereld is een Film’: Droom en realiteit vervagen in ‘Paprika’ - Gouden ‘Zomerhitte’

No Country for Old Men


Meestal voel ik me een jonge blom, maar sommige dagen heb ik het idee dat ik echt een ouwe lul ben. Gisteren bijvoorbeeld.

Met ‘mijn vrouw’ Mariëlle bezocht ik een concert in het Tilburgse popcentrum 013. Vroeger kwam ik daar geregeld, maar nu was het alweer een hele tijd geleden. Dat bleek ook wel want het gebouw had sinds de vorige keer een ingrijpende verbouwing ondergaan.

Op het programma stond een concert van de Dropkick Murphys. Voor wie zich daar niets bij kan voorstellen: dat is een Amerikaanse band die een combinatie van Ierse folkmuziek en punk speelt. Op het podium stonden een zanger, een drummer, vier gitaristen en een doedelzakspeler.

De groep trok een fanatieke aanhang van vooral twintigers en dertigers die zich veelal kenmerkten door kale hoofden en bandshirts en tatoeages. Voor het podium werd druk gesprongen en met bier gegooid. Tien jaar geleden had ik daar misschien tussen gestaan. Deze keer hield ik me uit veiligheidsoverwegingen op de achtergrond. Pogoën met een gebroken sleutelbeen lijkt me niet zo verstandig.

De muziek was niet eens zo slecht. Denk bijvoorbeeld aan ‘The Wild Rover’, maar dan in een stevig rockjasje. Het bier smaakte ook prima en werd geschonken in bekers van pulformaat.

Hoewel het een geslaagde avond was, voelde ik me toch niet helemaal op mijn plek. Misschien word ik te oud voor dit soort dingen. Geef mij maar een folkfestival waar ik liggend in het gras kan genieten van de zon en folkmuziek op de achtergrond. Dat past beter bij mijn huidige leefstijl.

Nieuw op ‘De Wereld is een Film’: De magische fantasiewereld van ‘Castle in the Sky’ - Verwende Stones

The Delivery


Onze buren hebben een nieuwe voordeur. Er zijn interessantere onderwerpen te bedenken om een stukje over te schrijven.

De vorige deur, een ouderwetse met veel glas, was kennelijk niet goed genoeg meer. De nieuwe lijkt behoorlijk massief met alleen op ooghoogte een kijkgaatje om toch te kunnen zien wie er aanbelt. De nieuwe deur heeft echter één belangrijk nadeel: de brievenbus. Die is namelijk veel te klein. Onze buurman is gemeenteraadslid en krijgt hele pakketten met ambtelijke stukken, maar de bus is nauwelijks groot genoeg voor een eenvoudige brief.

Ik heb nog niet kunnen vaststellen wat de bedoeling is. Misschien wordt de opening voor de post nog groter gemaakt, maar anders is er een probleem. Vandaag kregen wij namelijk voor de zoveelste keer alle brieven en tijdschriften voor onze buren in de bus.

Nu ben ik natuurlijk nooit te beroerd om de post bij hen af te geven, maar het kan toch niet de bedoeling zijn dat dat altijd zo blijft. Ik zou natuurlijk een sticker op onze brievenbus kunnen plakken: ‘Hier geen post van de buren’, maar dat is ook niet echt handig. Met enige regelmaat worden er als wij niet thuis zijn internetbestellingen bij het huis naast ons afgegeven en dat is toch wel handig. Dat willen we graag zo houden.

Een hint lijkt me nog het slimste. Iedere keer prop ik alle post in het veel te kleine gat en alles wat niet past leg ik een keurig stapeltje voor de deur. Als ze niet willen dat de wind of de buurtjeugd er met hun post vandoor gaat, zullen ze vanzelf in actie komen.

Nieuw op ‘De Wereld is een Film’: Jack Nicholson en Morgan Freeman in ‘The Bucket List’ - Thekla Reuten in ‘Lost’ - Sex and the Money

Them Heavy People


Wat ik dezer dagen beleef, heb ik al zeker een jaar niet meer meegemaakt. Ik zit alweer een paar dagen onder mijn streefgewicht.

Ik probeer altijd 74 kilo te wegen. Niet minder, want dan krijg ik een ingevallen gezicht, maar ook zeker niet meer, want dan krijg ik een buikje. De laatste tijd was mijn gewicht weer aan het toenemen. Ik zat zelfs rond de 78, waardoor me regelmatig werd gevraagd of ik de vorige avond zwaar had getafeld.

Er moest dus iets gebeuren, maar deze keer wilde ik beslagen ten ijs komen. Ik wist dat een collega van mij zich bezighield met gezonde voeding en dat zij betrokken was bij een club die onlangs een boek over dit onderwerp had uitgegeven. Het initiatief heet ‘Weg met de weegschaal’ en is vooral gericht op bewustmaking. Je moet je bewust worden van wat je eet, wanneer je eet, hoe je eet en waarom je eet. Het gaat nadrukkelijk om een leefstijl en niet om een dieet.

Ik las het bijbehorende boek en moet zeggen dat me op bepaalde vlakken de ogen werden geopend. Hoe bewuster je eet, hoe minder je nodig hebt om voldaan te zijn. Je mag jezelf gerust lekkere dingen gunnen, maar sla niet door. Eet zo natuurlijk mogelijke producten, want daar heeft je lichaam het meeste werk mee.

Langzaam maar zeker daalde mijn gewicht tot ik deze week mijn doel bereikte. Helaas stond er daarna een etentje op het programma en ik zag mezelf alweer door het plafond schieten. Wat blijkt: slechts twee ons erbij. Misschien dat het nu eens lukt om op mijn gewenste gewicht te blijven.

Knoop in je Zakdoek

Flessen
Soms bekruipt je het beklemmende gevoel dat je iets vergeet, maar kun je je met de beste wil van de wereld niet voor de geest halen waar het om gaat.

Dat had ik vanmorgen. Ik had de auto genomen, wat het was een beetje miezerig. Wat was er ook alweer vandaag? Het is dan ook een drukke week. Gisteren een heimiddag van het werk en morgen en cursusdag met de hele afdeling. Maar vandaag?

Toen ik bijna op mijn werk was, wist ik het weer. Mijn auto moest vandaag naar het schadebedrijf. Ik had een afspraak gemaakt om de deuken die ik nog voor de kerst had opgelopen, te laten repareren. Dat betekende dat ik dus eerst helemaal naar huis moest om mijn fiets in de kofferbak te laden. En daarna weer terug naar de Autowijk waar ik mijn wagen in vertrouwde handen zou achterlaten. Halfnegen, zoals afgesproken, zou ik niet meer halen. Het werd uiteindelijk bijna halftien.

Ik had nog een hele tijd getwijfeld of ik het wel zou laten doen. De kosten werden vergoed, want de schade was niet mijn schuld, maar het was toch veel geld voor een paar kleine deukjes. Bovendien was het bedrag al op mijn bankrekening gestort, die daardoor een stuk vriendelijker oogde. Uiteindelijk won de secure autobezitter in mij.

Vrijdag moet hij klaar zijn. Vanaf dat moment rijd ik met een grote boog om andere automobilisten heen en parkeer ik zo ver mogelijk van hangplekken voor baldadige jeugd. Het moet toch kunnen om een jaar lang brokkenvrij te blijven?

Filmpje: Voorjaarssneeuw in de achtertuin

Franse roulette

Sneeuw
Het is alweer een paar maanden geleden dat ik bij mijn ex Z. op bezoek ging. Ik had hem een tv-serie op dvd geleend en als bedankje kreeg ik vijf flessen wijn mee naar huis.

Die waren nog van zijn vader geweest, maar Z. drinkt geen wijn. Tot nu toe was het er nog niet van gekomen om ze te proberen. Voor onze kerstborrel hadden we de nodige wijn ingeslagen, maar er werd eigenlijk alleen bier gedronken, dus bleven we met een hele voorraad zitten. Nu zijn eindelijk de flessen van Z. aan de beurt.

Spannend is het wel. Het is dan ook een curieuze verzameling die we van hem hebben gekregen. De Cabernet Merlot uit 2006 durf ik nog wel aan, maar ik ben geen kenner. Daarom denk ik bij iedere slok: is die smaak wel zo bedoeld? Je wilt geen wijn drinken die niet goed meer is, maar iedere wijn smaakt nu eenmaal anders.

Een Beaujolais Primeur moet je volgens mij niet te lang bewaren, maar die van vorig jaar zou nog wel moeten kunnen. Maar die droge witte Qualitätswein uit 1999? Ik weet het niet. Om nog maar niet te spreken over die Chateau Haut Peyragué uit 1980. Misschien heb ik een bijzondere witte wijn in huis, waarvan je slok na slok moet genieten. Wellicht smaakt hij naar azijn. En dan is er nog die fles Sake. Daarvoor heb ik nog ruim een jaar de tijd: ‘Best Before 20-06-2009’.

De Cabernet is nu bijna half op en ik kan het nog navertellen, maar als deze weblog plotseling stopt, dan weten jullie hoe dat komt.

Head Above Water

Katjes
Soms lijkt het hier wel een sterfhuis. Een paar dagen geleden zwom Asterix nog vastbesloten zijn rondjes in zijn nieuwe woonomgeving. Gisteren dreef hij plotseling levenloos tussen de waterpest.

Misschien is alle zuurstoftoevoer dankzij de pomp en de vele planten in het nieuwe aquarium hem wel naar het hoofd gestegen. Misschien was hij gewend geraakt aan de eenzaamheid en kon hij het gezelschap van zijn nieuwe vriendjes, Obelix, Panoramix, Idéfix en Abraracourcix, niet verwerken. Al die stress kan een vis zomaar te veel worden. Mogelijk vond hij het gewoon wel goed geweest, zo. We zullen het wel nooit weten.

Feit is: Asterix gooide gisteren het handdoekje in de ring. Van ons kreeg hij een zeemansgraf. Heel oneerbiedig spoelden we hem door het toilet. Wat moet je anders met een dode sluiervis? Dat hij moge rusten in vrede.

Zijn maatjes lijkt het allemaal niet te deren. Misschien hebben ze dode Asterix niet eens zien drijven tussen de waterplanten. Misschien zijn ze wel blij dat ze met de achterblijvers een groter deel van de dertig liter water kunnen opeisen. Wellicht hebben ze het met hun kleine vissenhersentjes helemaal niet in de gaten dat ze nu met één minder zijn.

Lang zal de droefenis in ieder geval niet duren. Op derde paasdag ga ik meteen een nieuwe sluiervis halen in de dierenwinkel. Wij gaan er nog steeds vanuit dat al dat dierenleed niet aan ons te wijten is, maar dat er eerder sprake is van een trieste samenloop van omstandigheden. Misschien heeft het gewoon zo moeten zijn.

Filmpje: Asterix zwemt zijn laatste rondjes.

The Old Man and the Sea

Bloemetjes
Als kind had ik een topdrie van terugkerende gebeurtenissen, waar ik een vreselijke hekel aan had. Op de eerste plek stond zonder meer de schooltandarts.

Twee keer per jaar bezocht hij mijn lagere school. Klas na klas kwam dan aan de beurt. Tegen beter weten in hoopte ik steeds dat mijn jaargang zou worden overgeslagen. Ondertussen heb ik een aardige tandarts die ik trouw om de zes maanden bezoek. Gelukkig heb ik een goed gebit en hoeft hij nooit veel te doen. Er is dan ook weinig over om schrik van te hebben.

Nummer twee in mijn hekelhitlijst was de kapper. Ik vond dat nooit leuk. Het was zo’n verspilling van mijn tijd. Ik had van dat haar waar toch niks van te maken viel. Tegenwoordig ga ik voor mijn plezier naar de kapper. Of kappers moet ik eigenlijk zeggen, want de één knipt mijn haar en de ander werkt de blondering bij. Een gezellig uitje.

Ik vond het ook heel erg als ik met mijn moeder naar de stad moest om kleren te kopen. In de eerste zaak wist ik al wat ik wilde. Maar mijn ma moest natuurlijk ook spullen hebben. Winkel in, winkel uit om uiteindelijk te ontdekken dat het eerste wat ze gezien had toch het leukste was. Vandaag de dag koop ik nauwelijks nog kleren. Meestal neem ik spullen van Anton over die hij niet meer leuk vindt of die niet meer passen. Probleem opgelost.

Zo is mijn topdrie eigenlijk helemaal verdwenen. Alleen inentingen vind ik nog steeds eng. Ik kan geen injectienaalden zien. Wat dat betreft ben ik nog een klein kind.

Paradise Lost

Rietpluim
Een tijdje kon ik mezelf troosten met de gedachte dat mijn vader zich behoorlijk op zijn plek voelde in het verzorgingstehuis. Totdat hij op een dag helemaal de weg kwijt was.

Nu had hij toch wel betere en slechtere dagen, maar dit verschil was wel erg extreem. Het ene moment stelde hij nog voor om zijn huis maar te verkopen, het volgende wist hij nauwelijks meer waar hij was. Hij leek helemaal versuft, reageerde nauwelijks en als ik naar huis ging wilde hij mee. Het ging zelfs zo ver dat ik er op een keer tussenuit moest knijpen, zonder dat hij het in de gaten had. Met dit vooruitzicht was het geen pretje om hem te bezoeken.

Omdat de omslag zo plotseling kwam, ontstond het vermoeden dat het mogelijk iets met nieuwe medicijnen te maken had. Zijn medicatie bleek inderdaad aangepast te zijn. Pa was namelijk nogal onrustig en was al een paar keer naar buiten gewandeld, waarna hij niet meer wist waar hij was en het personeel hem moest gaan zoeken.

De pillen die hij kreeg voorgeschreven hadden echter nogal ongewenste bijwerkingen en sinds kort krijgt hij andere. Toen ik vandaag bij hem langs ging, ging het al veel beter. Hij was een stuk opgeleefd en praatte weer uit zichzelf. Toch zal hij hier vermoedelijk niet lang meer wonen. Zijn toestand is te slecht voor een bejaardentehuis. Binnenkort zit er voor hem weer een verhuizing aan te komen. Deze keer naar het verpleegtehuis. Om hem niet nodeloos ongerust te maken, vertellen we het hem nog maar even niet.

Mag het licht uit?

Wat is het hier donker! Ik dacht: ik doe even een paar lampen uit, dat is beter voor het milieu.
Wereldpeer was toe aan een nieuwe jas en het moest het donkere worden. Want serieus: donkere websites zijn beter voor het milieu. Als Google zwart was in plaats van wit zou dat wereldwijd een behoorlijke hoeveelheid energie schelen. Nu is Wereldpeer geen Google, maar alle kleine beetjes helpen en op deze manier draag ik mijn steentje bij. Geen baksteen. Een kiezel, maar toch.
Het is wel leuk om jullie wisselende reacties op de nieuwe vormgeving te lezen. Blijf vooral suggesties spuien, want zelf ben ik ook nog niet helemaal tevreden. De komende dagen en weken zal er nog het nodige bijgeschaafd worden, voordat alles precies zo is als ik het wil hebben.
En er zitten nog meer vernieuwingen aan te komen. Momenteel ben ik druk bezig aan een tweede weblog, die alleen maar over films gaat. Al mijn filmrecensies komen daar te staan en een hoop aanvullende informatie. Interessant voor de liefhebber, dacht ik zo. Tegen de tijd dat die site klaar is voor het grote publiek laat ik het jullie hier meteen weten.
Ondertussen wil ik mijn fijne collega Barend bedanken die me op allerlei manieren geholpen heeft om dit allemaal mogelijk te maken. Ik mag dan wel een internetredacteur zijn, maar voor als het over vormgeving en databases gaat, heb ik toch nog de hulp van profs nodig. Gelukkig hebben we die bij Omroep Brabant verschillende in huis en Barend is er één van. Kerel, je bent een Wereldpeer… Wereldbarend.

l’Histoire d’eau

Zoals ieder kind moest ik op schoolzwemmen. Ik was geen waterrat en had er zelfs een hekel aan. Verder dan VZ, vrij zwemmen, heb ik het nooit geschopt. Het A-diploma was voor mij duidelijk te hoog gegrepen.
Toen ik wat ouder werd, lag ik altijd liever op het strand dan in het water. Als ik moest kiezen tussen warm of koud, droog of nat, dan wist ik het wel. Totdat een jaar of tien geleden een wekelijks zwemavondje met vrienden werd ingevoerd. Een halfuurtje fanatiek baantjes trekken en daarna nog even bijkletsen. Dat was gezellig en ook nog eens goed voor de conditie ook.
Na verloop van tijd gingen mijn prestaties echter niet meer vooruit en kon ik alle hoeken van het zwembad wel dromen. De uitdaging was weg en daarom schakelde ik uiteindelijk over op fitness.
Ik had daarom best wel medelijden met Asterix, onze waaierstaartvis. Hij leefde weliswaar helemaal op in in zijn hypermoderne vissenkom, maar alleen is ook maar alleen. Ik volgde hem een tijdje en constateerde dat hij niet verder kwam dan rondjes zwemmen. Steeds weer langs dezelfde waterplanten. Je kon je horloge erop gelijk zetten en hup, daar had je hem weer.
Daarom werd het hoog tijd dat Asterix vriendjes kreeg. Vandaag heeft Anton in de dierenwinkel vier nieuwe vissen gekocht: Obelix, Panoramix, Idéfix en Abraracourcix. Samen kunnen ze nu synchroonzwemmen, schoonspringen en kijken wie de snelste is op de honderd meter vrije slag. In rondjes, dat wel, maar een kleinigheidje hou je toch.

Bin-jip

Journalisten zijn eigenwijze mensen. Als het brandalarm afgaat, werken ze gewoon door. Het zal weer een oefening zijn. Daar heb ik geen tijd voor, denken ze dan.
Alweer een hele tijd geleden hadden we een aangekondigde rampen- oefening. Laconiek verliet iedereen het pand. Iedereen wachtte rustig af totdat ze hun werk weer konden hervatten. De bedrijfshulpverleners waren tevreden. Slechts op één belangrijk punt ging het mis. De omroepgoudvis had niet gered mogen worden. Als er echt brand was geweest had de kom in het gedrang kapot kunnen vallen en hadden mensen door de scherven gewond kunnen raken. Bij brand hoor je vissen dus aan hun lot over te laten.
Deze keer ging het anders. Niemand wist dat het alarm zou afgaan, dus reageerde er niemand. De omroep heeft tal van alarmsignalen die onder meer kunnen betekenen dat er ingebroken wordt of dat de verwarmingsketel is uitgevallen. Welk alarm het deze keer was? Na enig aandringen van de bhv’ers verliet iedereen alsnog het pand in minder dan vijf minuten en dat was een goede score.
Het viel me alleen op dat de oefening plaatsvond op een moment dat er geen gehandicapte collega’s waren. Op onze verdieping werken twee rolstoelers. De vorige keer leerden wij dat zij pas op het laatst gered mogen worden. Anders houden zij de vluchtende collega’s maar op in het trappenhuis. Ik had wel willen zien hoe dat zou gaan: twee rolstoelers en maar één Evac-Chair om hen van de trap af te helpen. Bij een brand is het hier echt ‘survival of the fittest’.

Second Life

Onze drie kanaries en zes parkieten verkeren in een blakende gezondheid. Laten we het overlijden van hun maatje maar op een noodlottige samenloop van omstandigheden houden. Misschien had hij gewoon een zwak hartje.
Ondertussen gaan we het toch nog een keertje met vissen proberen. Misschien tegen beter weten in. Anton kreeg van mij voor zijn verjaardag een BiOrb. Dat is een hypermoderne vissenkom met een ingebouwd filtersysteem, waardoor het de bewoners van het aquarium een uiterst gezond leefmilieu garandeert.
Onze ervaringen met vissen waren tot op heden niet zo positief. Zelf konden we daar niet zoveel aan doen. Twee keer vulden we een bak met de mooiste exemplaren en we deden precies wat de kenners ons voorschreven. Toch werd tot twee keer toe de gehele populatie uitgeroeid door de ziekte witte stip.
De gehele populatie? Nee, één waaierstaartvis houdt tot op de dag van vandaag dapper stand. Asterix werd echter niet echt vrolijk van zijn eenzame bestaan. Regelmatig dacht ik dat hij nu toch echt de handdoek in de ring had gegooid, maar als ik dan tegen het glas tikte, zwom hij toch nog moeizaam weg. We besloten hem een waardige oude dag te gunnen, totdat hij op een trieste dag alsnog zijn aardse bestaan zou opgeven voor een plekje in de vissenhemel.
We twijfelden of we onze neerslachtige goudvis een plekje in onze BiOrb moesten geven. We besloten het er toch op te wagen en sindsdien is hij helemaal opgefleurd. Altijd fijn, zo’n tweede kans. Hoeveel levens heeft een vis eigenlijk?